|
|
vanmorgen werd ik wakker met de merel van kwart over zeven. het gezang gesmoord door het loeien van de wind. het wordt lichter nu, niet om op te staan, maar gewoon vanwege de seizoenen. het voorjaar komt. een nieuwe belofte, een nieuwe werkelijkheid, al sneeuwklokjes die bloeien al knoppen in de bomen. alleen mijn knoken, ze willen niet. wie is die vrouw met wallen onder ogen, starend met een trieste blik richting haar spiegelbeeld? vanmorgen werd ik wakker met de merel van kwart over zeven. mijn gezang gesmoord door 't plichtsgevoel. |